Ook in 2023 is huis van Jos voor Oekraïense moeders

de vijf Oekraïense vluchtelingen in Schimmert © L1
Om zijn eigen appartement vrij te maken voor twee gevluchte Oekraïense gezinnen, trok Jos Smeets vorig jaar in bij zijn zoon. Hij verwacht in 2023 nog niet terug te keren in zijn eigen huis in Schimmert.
Na hun eerste verblijf in de Schimmertse boerderij keerden oorlogsvluchtelingen Evgenia, Anzhelika en hun drie kinderen in augustus 2022 terug naar Oekraïne.

Bombardementen

De strijd leek geluwd, de vrouwen wilden terug naar hun familie. Maar na bombardementen in hun eigen omgeving lonkten de rust en veiligheid in Schimmert weer. "We hadden nog een groepsapp waarmee we contact hielden", zo vertelt de 77-jarige Smeets. "Toen kwam in november de vraag of ze weer terug konden komen."

Strijd

De echtgenoten van de twee Oekraïense dames zijn achtergebleven in Kiev en in Kramatorsk. Bij die laatste plaats wordt fel gevochten met Russische troepen, onder meer door de man van Evgenia. Het zorgt voor onwerkelijke ervaringen in huize Smeets. "We stonden bij de kerstparade in Valkenburg toen Evgenia een telefoontje kreeg. Stond haar man in vol ornaat in de loopgraven. En wij stonden kerstmis te vieren. Het is hier iedere ochtend dezelfde vraag: leef je nog?"

Werken

De vluchtelingen uit Oekraïne hebben een andere status dan de asielzoekers uit andere landen. Door dat verschil in juridische status kunnen de Oekraïense vluchtelingen werken. Het geeft afleiding voor de Oekraïners en helpt met het leren van de taal, maar zorgt ook voor draagvlak onder de plaatselijke bevolking. "Ik werk nu vooral als schoonmaakster in restaurants in Valkenburg", zo vertelt Anzhelika Vasilevskaya. "In Oekraïne werkte ik als verpleegster, maar dat werk kan ik hier niet doen".

2023

Evgenia Barnych heeft een simpele nieuwjaarswens voor 2023. "Geen oorlog meer, geen oorlog", zo hoopt de 36-jarige Oekraïense, die naast haar man ook een 19-jarige zoon achterliet in haar thuisland. Het is voorlopig niet meer dan een droom. "De Oekraïners verwachten dat de oorlog minstens vijf jaar zal duren", zo leerde Jos Smeets. "Of ik komend jaar weer terugkeer in mijn eigen huis? Ik vrees van niet."