Afvoer Maas maar één honderdste deel van vorig jaar

De droogte in Limburg houdt aan en dat heeft ook gevolgen voor de Maas in onze provincie. De afvoer van de rivier is nu ongeveer nog maar één honderdste deel van ruim een jaar geleden tijdens de zware overstromingen in Zuid-Limburg.
In juli 2021 stroomde er ruim 3300 kubieke meter water per seconde door de Maas bij Maastricht. Nooit eerder kreeg de rivier meer water te verwerken als destijds. De afvoer donderdag was ongeveer 32 kubieke meter per seconde.

Verdrag

Het Maas-afvoer verdrag met België regelt de verdeling van het water bij schaarste. Die situatie geldt op dit moment. In dat geval heeft Vlaanderen recht op een derde deel van het Maaswater. Dat gaat naar het Albertkanaal bij Luik, Nederland krijgt ook een derde deel voor het Julianakanaal en de Zuid-Willemsvaart bij Maastricht. Het laatste deel is voor de Maas op de grens tussen België en Nederland. Daar is geen scheepvaart mogelijk en staat het water nu zo laag dat je soms lopend de rivier kunt oversteken.

Scheepvaart

Toch levert de lage waterstand nog geen grote problemen op omdat Rijkswaterstaat zuinig omgaat met iedere druppel water. Om dat langer vast te houden, moet de scheepvaart al rekening houden met wachttijden van enkele uren en overal op de Maas waar het kan wordt water teruggepompt bij de sluizen.

Badkuipen

Op de Waal en de Rijn zijn de dilemma's voor de scheepvaart veel groter. Het water daar kan niet worden gestuwd. Lage afvoer betekent meteen een lage waterstand en minder diepgang voor de scheepvaart. Pepijn van Aubel van Rijkswaterstaat: "In de Maas zijn overal stuwen geplaatst. Dat zijn een soort badkuipen waardoor het water op niveau blijft. En daar kunnen schepen met voldoende diepgang dus blijven varen."

Schaarste

Alleen als de droogte nog lang aanhoudt, verwacht Rijkswaterstaat ook grote problemen voor de Maas in onze provincie. Het kan dan zijn dat de industrie geen water meer krijgt of dat er minder Maaswater beschikbaar is voor de landbouw of de natuur.