Ringslang broedt in Vaalser broeihopen

De ringslang vertoont soms bijzonder gedrag © RAVON (Ingo Janssen)
Bij het Drielandenpunt in Vaals zijn dit voorjaar voor het eerst eieren van de ringslang gevonden.
Onderzoekers van natuurinstantie RAVON en Staatsbosbeheer vonden in een broeihoop drie legsels met in totaal 50 slangeneieren.

Lekker warm

De slang kwam tot voor kort vrijwel niet meer voor in Limburg. Het reptiel legt de eieren graag in hopen broeiend materiaal zoals mesthopen of hooibergen. Die waren jarenlang niet meer te vinden in deze provincie. In Duitsland en België waren die er wel, waardoor ook de ringslang daar meer voorkwam.

Lokken

Ongeveer 15 jaar geleden werden bij Kerkrade aan de Worm broeihopen aangelegd waarmee de slang weer naar Limburg werd gelokt. Drie jaar geleden volgde een broeihoop bij Vaals, die nu ook door broedende slangen is ontdekt. Dat de slang graag gebruik maakt van door mensen aangelegde mest- of broeihopen maakt van de ringslang een buitenbeentje onder de reptielen. Meestal willen die juist een omgeving die zo min mogelijk is verstoord door de mens. Ook verschillende insecten, amfibiën en kleine zoogdieren vestigen zich graag op of bij zo'n broeihoop.

Stank

Ringslangen voeden eten vooral amfibieën zoals kikkers en salamanders. Af en toe staat vis of muis op het menu. Voor mensen is de ringslang ongevaarlijk. Bij onraad schieten ze meestal razend snel weg. Bijten doen ze niet, wel kunnen ze als ze zich bedreigd voelen een stinkende vloeistof afscheiden. De geur laat zich omschrijven als een mengsel van rotte vis, knoflook en wiet.