Vrouw stak partner met vleesmes: 'Pikte het niet langer'

Een vrouw stak haar partner met een vleesmes in de hals in een woning aan de Maastrichtse Cassiushof. © Track '88
Een 32-jarige vrouw uit Maastricht is veroordeeld tot drie jaar gevangenisstraf, waarvan de helft voorwaardelijk. Ze stak op 13 september 2021 haar partner in de hals met een vleesmes.
Het incident vond plaats in de woning van het stel in de Maastrichtse Cassiushof.

'Net je moeder'

De twee hadden een discussie en het gefrustreerde slachtoffer zei dat zijn vriendin op haar moeder begon te lijken. Daarop zou de vrouw woedend zijn geworden. Ze heeft haar partner met een vleesmes van dertig tot veertig centimeter groot in zijn rug gesneden en in zijn hals gestoken. De man wist naar de buren te vluchten en belde daar de politie.

Gewoon ontploft

Toen de politie arriveerde en de vrouw werd aangesproken, zei ze volgens de aanwezige agenten: "Ik pikte het niet langer. Ik ontplofte gewoon op een gegeven moment. Ik heb hem neergestoken." De rechter ziet dan ook voldoende bewijs voor een poging tot doodslag. Er is echter sprake van verminderde toerekeningsvatbaarheid, zo stelde een psycholoog vast.
Volgens de psycholoog is er sprake van een lichte verstandelijke beperking en een niet volgroeide, onrijpe persoonlijkheid. De vrouw zou bovendien kampen met depressie en een posttraumatische stress-stoornis.

Behoorlijk fors

Met oog op de verminderde toerekeningsvatbaarheid en het blanco strafblad van de vrouw, komt de rechter dus tot een netto straf van anderhalf jaar in de gevangenis. Haar advocaat Frank Teerling spreekt van een 'behoorlijk forse' straf. "Ik heb gepleit voor een straf gelijk aan haar voorarrest. In mijn ogen was het ook geen poging tot doodslag, gezien het zeer beperkte letsel."

Verplicht behandeld

De vrouw wordt ook verplicht psychisch behandeld zodra ze uit de gevangenis komt. Die behandeling duurt zeker twee jaar. Volgens advocaat Teerling had er meer oog moeten zijn voor de psychische situatie van zijn cliënte. "De nadruk had meer op hulpverlening dan op bestraffing moeten liggen, wat mij betreft." De vrouw heeft twee weken om een hoger beroep in te dienen.